29 januari 2005 • Veel mensen hebben dat liedje als kind vrolijk meegezongen. Maar ‘gewoon lekker wonen’ blijkt voor veel mensen om verschillende redenen niet meer weggelegd. Een huis kopen? Voor starters en mensen met een laag inkomen is dat onbetaalbaar geworden. Huren? De gemiddelde landelijke wachttijd is in Nederland drie jaar, maar in Den Bosch liefst zes jaar! Oude stadswijken worden soms met de grond gelijk gemaakt. De nieuwe huizen die op de open plekken gebouwd worden, zijn vaak wel mooi. Maar zijn ze ook betaalbaar? Nieuwe huizen van rond de 250,-- bestaan niet en de huursubsidie brokkelt alleen maar af. Waar zijn trouwens de buren gebleven uit je eigen straat, met wie je al járen vertrouwd was?
Slopen en nieuwbouw plegen? Of bestaande woningen renoveren? Daarover gingen de discussies op de thema-avond van 14 december. Het bleek een onderwerp waarvoor behoorlijk veel leden hun huis uit gekomen waren. Wellicht had de aankondiging dat Remi Poppe zou spreken daarmee te maken. Maar ook de ervaringsdeskundigen uit de Graafse wijk, Annie Wagemans en Willeke Verdonk, hadden veel te vertellen. Patty Hamerslag, die de avond leidde, gaf hen alle ruimte om hun verhaal te doen.
Jaknikken of inspraak hebben
Op papier lijkt het allemaal erg mooi: bewoners hebben inspraak
via commissies en bewoners(advies)raden. Maar vaak zijn
bewonerscommissies niet opgewassen tegen de vlotte babbel van de
dames en heren van woningbouwcorporaties en blijken
inspraakprocedures een wassen neus. Ook in de Graafsewijk blijkt
dat de bewoners, ondanks hun protesten, aan het kortste eind
getrokken hebben. Hoewel de bewonersadviesraad pleitte voor
gedeeltelijk slopen en gedeeltelijk renoveren, besliste
‘Brabant Wonen’ tot volledige sloop, omdat de huizen
volgens hen geen renovatie meer waard waren. Annie en Willeke
steken hun verontwaardiging niet onder stoelen of banken:
‘Wat wil je? Ze hebben onze huizen vijfentwintig jaar
geleden voor het laatst gerenoveerd. Als er problemen waren,
werden die wel opgelost, maar verbeteringen aanbrengen was er
niet bij. In 1987 hebben we bijvoorbeeld dubbel glas aangevraagd,
maar dat werd geweigerd.’
Ze hadden niets meer in te brengen, want eigenlijk waren de
beslissingen al lang genomen, is de mening van Willeke en Annie.
Dan helpt het niet als ‘hullie van de
woningbouwcorporatie’ mooi met dozen Bossche bollen aan
komen dragen ‘als het proces is afgerond’. Je houdt
toch het gevoel dat je je eigen doodvonnis getekend hebt.
Veel verlies en een beetje winst
Mensen die al tientallen jaren in de wijk hadden gewoond, moesten
gedwongen verhuizen. ‘Ik heb nu een mooi huis, maar ben
alles kwijt’, zei iemand. ‘De eenheid van de wijk is
verdwenen. Dat was ook de opzet van de gemeente. Die wilde bewust
een gemengde wijk en spreiding van de oude bewoners. ‘Tegen
de kliekvorming’ noemen ze dat. Maar bij ons konden mensen
langer thuis blijven wonen. We kenden elkaar. Als bij iemand het
gordijn ’s morgens dicht bleef, gingen we kijken. In de
straat waar ik nu woon, is mijn buurman ziek geweest. Ik heb het
niet eens geweten! Als ze de huizen behoorlijk opgeknapt hadden,
dan waren de meeste mensen vast gebleven.’
Op grond van hun ervaringen adviseren Annie en Willeke: zie er
zoveel mogelijk verhuiskosten uit te halen en blijf in je verzet
vooral eensgezind, anders verzwak je je eigen acties.’
Remi Poppe en de ‘straffe strijd’
Remi Poppe, die erin geslaagd is om ondanks de file toch nog te
komen, geeft achtergrondinformatie over de positie van de
woningbouwcorporaties. Vanaf 1995 zijn de woningbouwverenigingen
verzelfstandigd. Dat betekent dat verhuren en verkopen van
woningen voor hen mogelijkheden geworden zijn om winst te maken.
Ze doen dat met veel succes.. Bedrijfseconomisch gezien, is
nieuwbouw voor hen gunstiger, stelt Poppe. Naar zijn overtuiging
zijn álle woningen te renoveren, dat kost minder, gaat
sneller. Dat is belangrijk, want alleen als we renoveren, kunnen
we de te lage woningbouwproductie in Nederland opvangen en iets
doen aan de grote woningnood onder mensen die van een modaal
inkomen of minder moeten leven. Poppe maakt duidelijk dat de
bestaande ‘inspraakorganen’ tandeloze tijgers zijn
van veelal oudere bewoners. Die hebben tijd, maar vaak hebben ze
geen voeling met de achterban en ze geloven te snel, dat de
woningbouwcorporaties het goed met hen voor hebben. Poppe pleit
er voor om buiten de officiële organen om bewonersgroepen te
vormen, die de bestaande commissies onder druk zetten.
Vanuit de ervaringen in de wijk Boschveld blijkt ook, dat er
gegoocheld wordt met onderzoeksgegevens. Uit de enquêtes
bleek bijvoorbeeld dat de bewoners redelijk tevreden waren, maar
toch kreeg hun wijk de status
‘herstructureringsgebied’. Overigens: kun je huurders
van nu wel uitspraken laten doen over wat er in de toekomst met
hun huizen moet gebeuren? Woningen horen toch tot het
maatschappelijk kapitaal!
Met enkele stevige adviezen neemt Remi Poppe afscheid: ‘De
publieke tribunes moeten weer vol komen! Zorg dat je de langste
adem hebt. Ups en downs zijn er altijd. Als je ‘down’
bent, zoek dan iemand die ’up’ is. Wat is er mis met
‘goedkoop scheef wonen’? ( = met een goed inkomen in
een goedkoop huis wonen.) Dan hebben die mensen toch meer te
besteden! Niks gaat vanzelf. Maak je sterk voor de straffe
strijd!’
Toos Verdonk
Lees ook:
Bezoek onze vernieuwde shop. Mooie kleding, leuke gadgets,
interessante boeken en rapporten...